Posts tonen met het label Ter discussie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ter discussie. Alle posts tonen

woensdag 25 oktober 2017

Vijftigers meer aan zet

"Hoe lang moet jij nog werken?" De nieuwe collega kijkt me nieuwsgierig aan. Het gesprek gaat over de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd. "Ik mag nog wel even", zeg ik lachend. De vijftig gepasseerd geldt voor mij dat ik tot ruim 67 jaar zal moeten werken.

De dagen erna denk ik daar nog eens over na. Ervaar ik dat echt zo? Als 'moeten'? Als ik nu 's morgens opsta treed ik de dag frank en vrij tegemoet. Geen zorg meer voor het gezin, er is ruimte in hoofd en hart, en energie om me verder te ontwikkelen op een ambitieniveau waar ik zelf voor kies. Voor mij betekent dat, dat ik in mijn ene werkkring te maken heb met nieuwe, spannende werkzaamheden waarin mijn kwaliteiten goed tot zijn recht komen. En in mijn andere baan gebruik ik mijn jarenlange ervaring om goed en gedegen werk af te leveren. Geen van beide met een vast contract, dat dan weer niet. Maar het werk geeft me veel voldoening.

Thuis maakt het allemaal niet meer zo uit of het eten om zes uur op tafel staat. Beide dochters het huis uit en echtgenoot heeft ook interessante werkzaamheden. Als hij onverwacht wat later thuiskomt, lees ik gewoon eerst even de krant. Of maak mijn eigen werk af.

En toch knaagt er iets. Als we met elkaar hebben afgesproken dat we pas met 67 met pensioen gaan, en als we nu met elkaar vaststellen dat het heerlijk is om - ook als je ouder dan vijftig bent - zinvol bezig te zijn en je te blijven ontwikkelen, hoe kan het dan dat er zo veel vijftigers zo lang op zoek zijn naar nieuw werk? Of dat veranderen van (vast) werk bijna niet meer tot de mogelijkheden behoort? Als we als maatschappij verwachten dat we ten minste tot 67 jaar werken, biedt diezelfde maatschappij dan wel voldoende mogelijkheden óm te werken? Overheidscampagnes met John de Wolf geven een mooie aanzet om werkzoekende vijftigplussers aan te nemen. Maar de overtuiging moet echt vanuit het hart van een organisatie komen. 

Een rijke werkervaring én alle tijd van de wereld. Bereidheid tot flexibiliteit in houding en zelfs in salariëring. Jonge collega's mogen ons bij de les houden (graag zelfs!). Ideale werknemers. Toch?

zondag 22 januari 2017

Onbekend maakt onbemind

"Merlinde maakt nou eenmaal van haar hart geen moordkuil!" schrijf ik in de familie-whatsapp-groep. Mijn jongste heeft onlangs voor veel plezier gezorgd met haar liefdesverklaring op Facebook aan onze eigen vertrouwde supermarkt, na een klacht over een andere supermarkt in haar nieuwe woonplaats. De hilarische reactie daarop is in no time viraal gegaan. Maar nu lees ik in een whatsappje van Merlinde: “Hart? Moordkuil?"

Een paar dagen later vertel ik tijdens het eten over mijn werk. Hoe acuut een situatie was geworden en dat er echt wel iets moest gebeuren. “Je kan je voorstellen dat die organisatie op het vinkentouw zat”, zeg ik tegen mijn tafelgenoten, “Misschien moet er iets gedaan worden aan de procedures, want nu behandelen we ze rijp en groen door elkaar.” Instemming van Erik. Op het gezicht van Maryse één groot vraagteken.

Maar daar houdt het niet mee op. 's Avonds zien we hoe een deelnemer aan het razend spannende televisieprogramma Hunted zijn jagers tot het uiterste uitdaagt. Mijn bewondering heeft deze man, “… maar om de kat nou zo op het spek te binden?!” Een paar tellen lang is het stil. Dan een enorme verontwaardiging: “Potverdórie! Jullie ook altijd met die uitdrukkingen! Waar hebben jullie het noú weer over?"

Hoe is het toch mogelijk dat jonge mensen van nu nauwelijks een gezegde of spreekwoord meer kennen? Ik geef toe, ik wil ook nog wel eens wat verhaspelen, maar veel uitdrukkingen horen toch bij het gewone taalgebruik. Staat het leren ervan onderaan de prioriteitenlijst van meester of juf? Wordt onze taal armer door media als Facebook of Twitter? Of is het gewoon een kwestie van er belangstelling voor hebben?

Spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegdes. Leert de generatie na ons ze nog? Het is niet voor niets dat wij al jaren tegen onze kinderen zeggen “Lees een boek!” om hun kennis van het Nederlands te vergroten. Maar dat is voor de ganzen preken.




















woensdag 19 november 2014

Bijna op de motorkap

Vandaag had ik bijna een fietser op mijn motorkap. Op de Voorhoutse Jacoba van Beierenweg, vlak voor de spoorwegovergang. Het is redelijk rustig op de weg en ik rijd in een normaal tempo richting winkelstraat. Ineens fietst een jongen het zebrapad op. Ik schrik me rot, rem abrupt en druk meteen maar eens flink op de claxon. Wat een gék! De tiener staat inmiddels stil en wijst demonstratief naar beneden, naar het zebrapad. "Kijk eens mevrouwtje, ik rijd op het zebrapad!"

Ik zag het gebeuren, maar was er niet op bedacht. Het was de tegenligger die voor verwarring zorgt. Geen voetganger te bekennen, alleen de jongen die hard aan komt fietsen. Toch stopt deze auto en staat zo de jongen toe het zebrapad als fietsoversteekplaats te gebruiken. 

Ik hou er niet van. Heel vriendelijk om eens aardig te zijn voor een andere verkeersdeelnemer. Maar doe dat wat mij betreft maar niet meer voor een fietser op het zebrapad. 

dinsdag 15 april 2014

Zo'n haast

De laatste noot is nog niet gezongen, de afsluitende grap nog niet gemaakt. Maar toch staan ze op en snellen - niet eens zo stiekem - nog vóór het applaus weg. Oudere echtparen, vriendengroepen, het maakt niet uit. Snel naar de garderobe, om de grote massa voor te zijn.

Beschamend vind ik het. Een artiest of een band heeft zich net op z'n minst anderhalf uur in het zweet gewerkt. Heel kwetsbaar op zo'n enorm podium. En dan lopen mensen voortijdig weg om niet te hoeven wachten op... hun jas.

Of je het mooi hebt gevonden of niet: alleen al de moeite van een optreden is een applaus waard. En wat kan er zo vervelend aan zijn om na een mooie musical of goede theatershow de lichten aan te zien gaan? Om rustig terug te keren in de werkelijkheid? Nog even de magie ervan te laten bezinken?

Laten we onze handen gewoon weer stuk klappen in plaats van ons druk maken of we op tijd de parkeergarage uit kunnen komen. Het maakt een avondje uit zo veel leuker. 

vrijdag 24 januari 2014

Folder-dilemma

Het zijn twee, bijna gelijke, stapels. Allebei een blauwachtige folder bovenop, dun plastic eromheen. Bij wat beter kijken is er toch een verschil: de ene blauwe folder is van de Aldi, de andere van een grote modeketen. Ongelooflijk, samen bijna een kilo aan reclamefolders, waarvan 85% ongelezen bij het oud papier verdwijnt.

Als de derde, wat kleinere, stapel door de brievenbus glijdt, zet dat me aan het denken. Hoeveel bomen zullen er jaarlijks op deze deurmat liggen? Hoeveel papier sjouwen wij maandelijks naar de milieustraat? Een NEE-JA sticker kan de oplossing zijn. Maar gaan we dan niet allerlei kortingsbonnen en reclames missen? 

In deze digitale wereld moet dat toch anders kunnen? Ja dus! Spotta.nl biedt uitkomst. Zelf kunnen bepalen wat je wilt lezen en eventuele kortingsbonnen gemakkelijk te printen. Heerlijk opgeruimd en efficiënt. En als er dan toch nog zooi in de bus komt, kunnen we altijd nog voor de 'Amsterdamse oplossing' kiezen...

Foto: Bastiaan Wesseling

dinsdag 31 december 2013

Centraal vuurwerk? Ik ben vóór!

De discussie lijkt steeds breder te worden: vuurwerk geeft overlast. Vandalisme, angstige mensen, angstige dieren, smog in de lucht en rotzooi op straat. Waarom doen wij dit eigenlijk? Wat mij nog het meeste stoort is dat enorme geldbedrag dat zomaar kris kras de hemel ingeschoten wordt. Vorig jaar is voor bijna 70 miljoen euro uitgegeven aan vuurwerk. Hoeveel zinvols kun je daar niet voor doen in onze samenleving?

Stel je daarom de volgende situatie eens voor: Het is Oudejaarsavond, 23.45 uur. De gourmet is inmiddels gezakt, het spelletje Kolonisten van Catan is gespeeld en Theo Maassen is aan het afronden. Je trekt je jas aan en wandelt naar, bijvoorbeeld, de parkeerplaats van het station. Onderweg tref je vele andere Voorhouters, met hun buren of met vrienden, allemaal op weg naar het plein voor een babbeltje en straks een nieuwjaarsgroet. Een lekker glaasje en een hartig hapje; enkele kraampjes verkopen het allemaal. Vuurkorven en kerstbomen zorgen voor sfeer en uit grote luidsprekers klinken Oudejaars-evergreens. Een grote digitale klok telt langzaam af... en om precies 00.00 uur begint een geweldige vuurwerkshow. Adembenemend en heel veilig. 

Een centraal vuurwerk bij de jaarwisseling? Hoe mooi zou dat zijn? Saamhorigheid, minder verspilling, minder overlast. Ik zie het wel zitten en zou graag eens een rekensommetje maken! Van mij mogen liefhebbers een paar uurtjes rond 00.00 uur best wat klein vuurwerk afsteken. Die 'lol' zou ik niemand willen ontnemen. Maar verlost worden van drie dagen knallers om ons heen is wel héél aantrekkelijk.  


woensdag 25 december 2013

Sociale media: vloek of zegen?

"Ik zou een foto van jullie moeten maken. Moeten jullie jezelf nu eens zien zitten." De baliemedewerkster in het ziekenhuis is niet bepaald enthousiast. Met z'n drieën tegelijk kijken wij op, onze mobiele telefoons in onze hand. "Al die mobieltjes! Mensen praten niet meer met elkaar", zegt ze narrig.

Verbaasd kijken wij elkaar aan. Wat is dat nu? Voorzichtig vertel ik dat wij reageren op whatsapp-jes van vrienden en bekenden die ons en onze dochter sterkte wensen zo vlak voor de operatie. Maar de baliemedewerkster hoort het niet, ze moppert nog even door dat de wereld zo klein wordt als mensen alleen maar aandacht voor hun mobieltjes hebben.

Ondertussen stemmen wij nog even de laatste afspraken voor deze spannende dag af. En genieten samen van de laatste lieve berichtjes en blijken van medeleven. Blij dat onze wereld zo groot geworden is door onze mobieltjes.

vrijdag 20 december 2013

Herenstraat-slalom

Iedere dag weer is het lastig. Maar gisteren, op zo ongeveer de donkerste dag van het jaar, voelde ik me een deelnemer aan een spannend evenement. Geen "Fiets 'em er in'' of "Blij dat ik rij", maar "Cross door het dorp".

Eén grote chaos in de Herenstraat. Witte en rode autolampen lichten fel op in een aardedonkere omgeving. Het verkeer komt van werkelijk alle kanten, met alle denkbare snelheden. De enige manier om de andere kant te bereiken is je er stapvoets doorheen te persen en de lossende vrachtwagens voor lief te nemen. Dat geldt natuurlijk ook voor het gemeentewagentje dat juist in deze ochtendspits bladeren komt blazen en ruimen. Schaterend zit ik achter het stuur; deze timing verzin je toch niet?

Het meest verbijsterend vind ik de naïviteit en het ongeduld van de fietsende verkeersdeelnemers. Waarom zou je als fietser  rekening houden met de verkeersregels? Doet je fietslamp het niet, dan koop je toch gewoon zo'n witte bungelende stip voor aan het stuur? Nauwelijks zichtbaar, maar who cares? Met z'n tweeën naast elkaar, maar liever nog met z'n drieën want dat is het gezelligst, richting de Nagelbrug. Moet kunnen. Misschien te simpel geredeneerd, maar zouden we daar lokaal geen afspraken over kunnen maken? En dan die basisregels in het verkeer. Waarom zou je eigenlijk omkijken voor je gaat inhalen? En mocht enig auto je de weg belemmeren, dan neem je als alternatieve route toch gewoon het voetgangersgebied? Al die afgeschuinde trottoirbanden lijken speciaal voor deze sluiproute gemaakt. Dat je als automobilist een hartverzakking krijgt van zo'n heen en weer schietende fietser komt nauwelijks bij hen op.

Met de nieuwe randweg in de maak, is de drukte op de Herenstraat op afzienbare termijn opgelost. De mentaliteit van de verkeersdeelnemers? Zou dat misschien iets langer kunnen duren?